Description

Katelijne Boon duikt op zaterdag 3 december in de platenkast en de muzikale herinneringen van Elisabeth Leijnse, hoogleraar Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Namen, die met haar dubbelbiografie 'Cécile en Elsa. Strijdbare freules' (2015), dit jaar twee keer in de prijzen viel.

Elisabeth Leijnse

Leijnse's dubbelbiografie Cécile en Elsa gaat over de aristocratische zussen Cécile en Elsa de Jong van Beek en Donk, die aan het eind van de negentiende eeuw eensgezind socialist worden, en feminist, maar die na 1900 diametraal tegenover elkaar komen te staan. Cécile was schrijfster van onder meer de feministische roman 'Hilda van Suylenbur'g uit 1897. Elsa was de echtgenote van de componist Alphons Diepenbrock en een korte tijd de minnares van zijn twintig jaar jongere collega-componist Matthijs Vermeulen.

Beide vrouwen zorgden voor enkele mijlpalen in de vrouwenemancipatie in Nederland. Het is bijzonder vreemd dat er nog geen biografie van hen bestond. Hun naam valt steevast als het gaat over de grote omwentelingen in de Nederlandse cultuurgeschiedenis van omstreeks 1900. Cécile was oprichtster van de ‘Bond ter bestrijding eener gruwel-mode’ (dat ging over veren en vogeltjes op dameshoeden, de Bond liep vooruit op de Vogelbescherming). En ze organiseerde de Tentoonstelling van Vrouwenarbeid, een mijlpaal in de geschiedenis van de vrouwenemancipatie in Nederland. Haar jongere zuster Elsa, was Céciles zielsgenote, helpster en tegenpool, en wilde na haar mislukte pianodroom de eerste vrouwelijke Nederlandse juriste worden. 

Leijnse had de brieven van Cécile de Jong van Beek en Donk gelezen in het Nederlands Muziek Instituut. “Uit de Brieven en documenten van Alphons Diepenbrock wist ik hoe interessant ook Elsa was, zijn vrouw en Céciles zus. Haar dagboeken waren nog niet onderzocht. Ik schreef een brief aan Elsa’s kleindochter Odilia Vermeulen, die mij alle documenten van haar grootmoeder in bruikleen gaf, wat een vertrouwen! Gaandeweg stootte ik op steeds meer bronnen. Wonderlijk. Een vergeten kist met familiepapieren dook op. Een kleinzoon van Cécile bleek nog een archief te hebben. Wat ik nooit had gedacht bij aanvang: de volledige levens van deze vrouwen waren van geboorte tot dood gedocumenteerd. 15.000 bladzijden intieme bronnen over hun acties, motieven, gevoelens. Daar lag voor mij de essentie. Hoe bekend deze mensen waren, of ik ze door mijn boek bekender zou kunnen maken, speelde bij het schrijven geen enkele rol meer.'

De biografie werd mei 2016 bekroond met de tweejaarlijkse prijs voor de beste Nederlandstalige biografie (Erik Hazelhoff Biografieprijs) en oktober 2016 de Libris Geschiedenis Prijs. 

Period3 Dec 2016

Media coverage

1

Media coverage